ECLI:NL:RBZWB:2021:3104
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Veroordeling minister in proceskosten wegens niet tijdig besluit WOB-verzoek Fluoxetine
Verzoekster heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een primair besluit door de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport op haar WOB-verzoek betreffende documenten over Fluoxetine en gerelateerde onderwerpen vanaf 1 januari 2020.
De minister heeft uiteindelijk op 4 mei 2021 een besluit genomen waarbij de gevraagde informatie grotendeels openbaar werd gemaakt. Hierop heeft verzoekster haar beroep ingetrokken en verzocht om veroordeling van de minister in de proceskosten.
De rechtbank heeft op grond van artikel 8:75a Awb geoordeeld dat de minister door gedeeltelijke tegemoetkoming in het verzoek aanleiding gaf tot veroordeling in de proceskosten. Gezien de lichte aard van de zaak stelde de rechtbank de proceskosten vast op € 267,-. Tevens overwoog de rechtbank dat het griffierecht van € 360,- door de minister vergoed dient te worden, zodat een afzonderlijke veroordeling daarvoor niet nodig is.
De uitspraak is gedaan door rechter L.P. Hertsig en griffier J.J.P.M. van Gestel op 18 juni 2021 en openbaar gemaakt via rechtspraak.nl.
Uitkomst: De minister wordt veroordeeld in de proceskosten van verzoekster tot een bedrag van € 267,- wegens het niet tijdig nemen van een besluit op het WOB-verzoek.