ECLI:NL:RBZWB:2021:3427
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroepschrift wegens overschrijding beroepstermijn bij naheffingsaanslag omzetbelasting
Belanghebbende heeft beroep ingesteld tegen de uitspraak op bezwaar inzake een naheffingsaanslag omzetbelasting over de periode 1 januari 2016 tot en met 31 december 2017. De uitspraak op bezwaar dateert van 13 november 2020, waarmee de beroepstermijn zes weken bedroeg en eindigde op 28 december 2020.
Het beroepschrift is op 5 januari 2021 ontvangen en draagt de datum december 2020. Gelet op de poststempel van 4 januari 2021 is niet aannemelijk dat het beroepschrift tijdig ter post is bezorgd. De rechtbank oordeelt daarom dat het beroepschrift niet tijdig is ingediend.
Belanghebbende voerde aan dat de overschrijding te wijten was aan vergissingen in data, tijdsdruk door de omvang van de zaak en psychische klachten (PTSD) die het maken van beslissingen bemoeilijkten. De rechtbank acht deze redenen onvoldoende om de termijnoverschrijding als verschoonbaar te beschouwen, omdat het bijhouden van termijnen de verantwoordelijkheid van belanghebbende is en niet is gebleken dat hij geheel niet in staat was tijdig beroep in te stellen.
Daarom verklaart de rechtbank het beroep kennelijk niet-ontvankelijk en ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken verzet worden ingesteld.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de beroepstermijn.