ECLI:NL:RBZWB:2021:43
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Verzoeken voorlopige voorziening in Participatiewetzaken niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-betaling griffierecht
Verzoeker heeft drie afzonderlijke beroepsprocedures ingesteld tegen beslissingen van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Terneuzen met betrekking tot de Participatiewet. Voor elk van deze procedures heeft verzoeker tevens een verzoek om voorlopige voorziening ingediend bij de voorzieningenrechter.
De rechtbank heeft op grond van artikel 8:83, derde lid, Awb besloten dat een zitting achterwege kon blijven. De kern van de beoordeling betrof de betaling van het griffierecht, dat op grond van artikel 8:82, eerste lid, Awb verplicht is bij het indienen van een verzoek om voorlopige voorziening.
Verzoeker heeft een beroep gedaan op betalingsonmacht, stellende geen inkomen, vermogen of bankrekening te hebben, en heeft een e-mail van de gemeente overgelegd ter onderbouwing. Desondanks heeft verzoeker het griffierecht niet binnen de gestelde termijn voldaan en heeft hij geen aanvullende bewijsstukken over zijn financiële situatie overgelegd.
De griffier heeft verzoeker hieromtrent meerdere malen verzocht om bewijsstukken te overleggen en gewezen op de gevolgen van niet-betaling. Gelet op het ontbreken van voldoende bewijs van betalingsonmacht en het niet voldoen van het griffierecht, verklaart de voorzieningenrechter de verzoeken om voorlopige voorziening niet-ontvankelijk.
Uitkomst: De verzoeken om voorlopige voorziening worden niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-betaling van het griffierecht.