ECLI:NL:RBZWB:2021:4783

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Datum uitspraak
21 september 2021
Publicatiedatum
23 september 2021
Zaaknummer
AWB - 21 _ 432
Type
Uitspraak
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 46b Wet op de rechterlijke organisatie
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verwijzing van belastingzaken naar andere rechtbank wegens betrokkenheid

De rechtbank Zeeland-West-Brabant heeft op 21 september 2021 besloten om meerdere belastingzaken, waarin belanghebbende betrokken is, door te verwijzen naar de rechtbank Oost-Brabant. Deze beslissing is genomen op grond van artikel 46b van de Wet op de rechterlijke organisatie, dat voorziet in de mogelijkheid om een zaak naar een andere rechtbank te verwijzen wanneer er sprake is van betrokkenheid die de behandeling door de eigen rechtbank ongewenst maakt.

De aanleiding voor deze verwijzing is dat de vader van belanghebbende werkzaam is bij de rechtbank Zeeland-West-Brabant, waardoor er een zodanige betrokkenheid bestaat dat het wenselijk is de zaken elders te laten behandelen. De rechtbank acht hierdoor de onafhankelijkheid en onpartijdigheid beter gewaarborgd.

De beslissing is genomen door rechter V.M. Schotanus en griffier R.J.M. de Fouw en is openbaar gemaakt via een geanonimiseerde publicatie. Er staat nog geen rechtsmiddel open tegen deze beslissing, maar dit kan worden ingesteld tegelijk met het rechtsmiddel tegen de einduitspraak in de zaak.

Uitkomst: De rechtbank Zeeland-West-Brabant verwijst de belastingzaken naar de rechtbank Oost-Brabant wegens betrokkenheid.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Belastingrecht, enkelvoudige kamer
Locatie: Breda
Zaaknummers BRE 21/432 tot en met 21/439
Beslissing van 21 september 2021
Beslissing inzake de toepassing van artikel 46b van de Wet op de rechterlijke organisatie in de gedingen tussen
[belanghebbende]wonende te [woonplaats]
belanghebbende,
en
de heffingsambtenaar van de gemeente Breda,
de heffingsambtenaar.

1.Motivering

1.1.
In artikel 46b van de Wet op de rechterlijke organisatie is bepaald dat de rechtbank een zaak ter verdere behandeling kan verwijzen naar een andere rechtbank, indien naar haar oordeel door betrokkenheid van de rechtbank behandeling van die zaak door een andere rechtbank gewenst is.
1.2.
De rechtbank overweegt dat de vader van belanghebbende werkzaam is bij de rechtbank Zeeland-West-Brabant. Daarom is naar het oordeel van de rechtbank sprake van zodanige betrokkenheid van de rechtbank dat behandeling van de beroepen door een andere rechtbank gewenst is.

2.Beslissing

De rechtbank verwijst de zaken ter verdere behandeling naar de rechtbank Oost-Brabant.
Deze uitspraak is gedaan door mr. V.M. Schotanus, rechter, in aanwezigheid van mr. R.J.M. de Fouw, griffier, op 21 september 2021 en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.
De griffier, De rechter,
Afschrift aangetekend verzonden aan partijen op:
Rechtsmiddel
Tegen deze beslissing staat nog geen rechtsmiddel open. Dit kan worden ingesteld tegelijkertijd met het rechtsmiddel tegen de einduitspraak in deze zaak.