Belanghebbende heeft een verzoek ingediend op grond van artikel 8:75a van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) om de inspecteur van de Belastingdienst te veroordelen tot vergoeding van proceskosten. Dit verzoek volgde op de intrekking van beroepen tegen aanslagen inkomstenbelasting, premie volksverzekeringen en de inkomensafhankelijke bijdrage zorgverzekeringswet over het jaar 2018, alsmede een opgelegde boete.
De rechtbank heeft vastgesteld dat belanghebbende geen specificatie van kosten heeft overgelegd en dat uit de stukken niet blijkt dat er sprake is van beroepsmatig verleende rechtsbijstand. Hierdoor is er geen grond om de inspecteur te veroordelen tot vergoeding van proceskosten. Wel heeft belanghebbende griffierecht betaald, maar de wet biedt geen mogelijkheid om de inspecteur te veroordelen tot vergoeding hiervan; de inspecteur moet dit uit eigen beweging doen volgens artikel 8:41, zevende lid, Awb.
De rechtbank heeft het verzoek om proceskostenvergoeding dan ook afgewezen. De uitspraak is gedaan door rechter S.A.J. Bastiaansen op 8 oktober 2021 en openbaar gemaakt via rechtspraak.nl. Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken verzet worden ingesteld.