ECLI:NL:RBZWB:2021:4991
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening voor overbruggingsregeling TOZO
Verzoekers hebben een aanvraag ingediend voor een overbruggingsregeling op grond van de Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers (TOZO), welke door het Werkplein Hart van West-Brabant op 6 mei 2021 is afgewezen. Hiertegen hebben zij bezwaar gemaakt en een verzoek om voorlopige voorziening ingediend.
De voorzieningenrechter heeft op grond van artikel 8:81, eerste lid, Awb beoordeeld of er sprake was van een spoedeisend belang dat een voorlopige voorziening rechtvaardigde. Verzoekers stelden financiële nood te ervaren, waaronder het verlies van hun huurwoning en afhankelijkheid van familie voor levensonderhoud. Echter, zij hebben niet gereageerd op het verzoek van de griffier om hun financiële situatie nader te onderbouwen.
Daarmee ontbrak het aan voldoende bewijs voor spoedeisendheid, waardoor het verzoek om voorlopige voorziening is afgewezen. De uitspraak is gedaan op 1 oktober 2021 door voorzieningenrechter C.E.M. Marsé. Tegen deze uitspraak is geen rechtsmiddel mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen wegens onvoldoende spoedeisend belang.