ECLI:NL:RBZWB:2021:5209
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep tegen boete op grond van de Wet dieren
Eiser heeft beroep ingesteld tegen een boete opgelegd door de staatssecretaris van Economische Zaken op grond van de Wet dieren en het Besluit houders van dieren. Na het overlijden van de eigenaar van het hondenpension, die het beroep had ingesteld, heeft de rechtbank de erven verzocht aan te geven of zij de procedure wilden voortzetten en een verklaring van erfrecht te overleggen.
Ondanks meerdere verzoeken en een telefonisch contact waarbij om uitstel werd gevraagd, hebben de erven geen stukken aangeleverd, noch het griffierecht betaald. Ook ontbrak een kopie van het bestreden besluit in het dossier.
De rechtbank oordeelt dat hierdoor niet is gebleken van een procesbelang bij een inhoudelijke beoordeling van het beroep. De erven tonen geen belangstelling voor voortzetting van de procedure. Daarom verklaart de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk.
Uitkomst: Het beroep tegen de boete wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan procesbelang en niet voortzetten van de procedure door de erven.