Op 4 mei 2021 werd in de bestelbus van verdachte, geparkeerd bij een winkelcentrum in Breda, ongeveer 47,8 kilogram cocaïne aangetroffen. Verdachte verklaarde geen wetenschap te hebben gehad van de drugs, maar de rechtbank achtte deze verklaring ongeloofwaardig gezien de omstandigheden en het gedrag van verdachte.
De rechtbank stelde vast dat verdachte de bus op een opvallende wijze parkeerde en dat een onbekende persoon de drugs in zijn bus heeft overgeladen terwijl verdachte in de winkel was. De hoeveelheid cocaïne vertegenwoordigde een straatwaarde van ruim twee miljoen euro, wat wijst op handel. Verdachte had geen geldig rijbewijs en reed zelden met de bus, maar was toch met de bus naar de locatie gereden.
De rechtbank concludeerde dat verdachte wist van de aanwezigheid van de cocaïne en daarover de beschikkingsmacht had. Verdachte werd veroordeeld tot 40 maanden gevangenisstraf, met aftrek van het voorarrest. Tevens werd een eerder opgelegde voorwaardelijke gevangenisstraf van twee weken ten uitvoer gelegd vanwege het plegen van een nieuw strafbaar feit tijdens de proeftijd.