ECLI:NL:RBZWB:2021:5442
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen bouw illegaal gebouw
Verzoekers hebben bezwaar gemaakt tegen het besluit van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Sluis om hun verzoek tot handhaving tegen de bouw van een gebouw door een derde partij af te wijzen. De bouw betreft een gebouw waarvan verzoekers menen dat het te groot is en illegaal wordt opgericht op een perceel naast hun woning.
De voorzieningenrechter overweegt dat de voorlopige voorziening bedoeld is om in afwachting van de bezwaarprocedure een tijdelijke maatregel te treffen indien onverwijlde spoed aanwezig is. Hoewel verzoekers belang hebben bij het voorkomen dat de bouw wordt afgerond, is het opleggen van de gevraagde maatregel – het volledig afbreken van het gebouw en het herstellen van het perceel – te vergaand voor een voorlopige voorziening.
Daarnaast is het niet uitgesloten dat het gebouw vergunningvrij is, mits de nokhoogte wordt aangepast, en legalisatie mogelijk is. De beoordeling van de situering en vergunningvrijheid kan in de bodemprocedure plaatsvinden. Verzoekers hebben onvoldoende spoedeisend belang aangevoerd om de uitkomst van die bodemprocedure niet af te wachten.
Daarom wijst de voorzieningenrechter het verzoek om een voorlopige voorziening af en veroordeelt partijen niet in de proceskosten. Tegen deze uitspraak is geen rechtsmiddel mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de bouw wordt afgewezen wegens ontbreken van onverwijlde spoed.