ECLI:NL:RBZWB:2021:5588
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Proceskostenveroordeling na intrekking beroep tegen WIA-uitkeringsbesluit
Verzoekster had beroep ingesteld tegen een besluit van het UWV waarin een loongerelateerde WGA-uitkering was toegekend met korting. Na bezwaar wijzigde het UWV het besluit door de korting te laten vervallen, waarna verzoekster het beroep introk en proceskostenvergoeding vorderde.
De rechtbank oordeelde dat het UWV aan het beroep tegemoet was gekomen, waardoor toewijzing van het verzoek om proceskostenveroordeling passend was. De proceskosten werden forfaitair vastgesteld op € 748,- voor professionele rechtsbijstand. Daarnaast wees de rechtbank op de verplichting van het UWV om het griffierecht van € 354,- te vergoeden.
De rechtbank veroordeelde het UWV tot betaling van de proceskosten aan verzoekster. De uitspraak werd gedaan zonder zitting en openbaar gemaakt op 9 november 2021.
Uitkomst: De rechtbank veroordeelt het UWV tot vergoeding van € 748,- aan proceskosten aan verzoekster.