ECLI:NL:RBZWB:2021:5823
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Mondelinge uitspraak
- Rechtspraak.nl
Ongegrondverklaring beroep tegen naheffingsaanslag parkeerbelasting in Breda
Belanghebbende parkeerde op 23 juli 2020 zonder betaling van parkeerbelasting op een locatie in Breda waar betaald parkeren geldt. De heffingsambtenaar legde daarop een naheffingsaanslag op. Belanghebbende voerde aan dat hij vanwege een afgesloten straat elders parkeerde en dat er geen duidelijk bord stond dat betaald parkeren gold. Tevens wees hij op het tonen van een invalidekaart.
De rechtbank stelde vast dat de straat in de parkeerverordening als betaaldparkeerzone is aangewezen en dat de gemeente verplicht is dit duidelijk kenbaar te maken. Uit foto’s bleek dat belanghebbende langs een bord kwam dat het begin van een betaaldparkeerzone aangaf en dat er een parkeerautomaat aanwezig was. Dit maakte het voldoende duidelijk dat betaald parkeren verplicht was.
De invalidekaart bood geen vrijstelling omdat gratis parkeren met een invalidekaart alleen is toegestaan op speciaal aangewezen invalideparkeerplaatsen, wat hier niet het geval was. De rechtbank concludeerde dat de naheffingsaanslag terecht was opgelegd en verklaarde het beroep ongegrond.
Uitkomst: Het beroep tegen de naheffingsaanslag parkeerbelasting wordt ongegrond verklaard.