ECLI:NL:RBZWB:2021:6467
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Vereenvoudigde behandeling
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens termijnoverschrijding bij aanslag inkomstenbelasting
Belanghebbende heeft beroep ingesteld tegen de uitspraak op bezwaar inzake een aanslag inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen. De uitspraak op bezwaar dateert van 8 juli 2021 en het beroepschrift moest binnen zes weken, dus uiterlijk 19 augustus 2021, worden ingediend. Het beroepschrift werd echter pas op 21 augustus 2021 digitaal ontvangen door de rechtbank, waardoor het niet tijdig was.
Belanghebbende stelde dat hij de uitspraak op bezwaar pas op 20 augustus 2021 in bezit kreeg, omdat de post eerst bij een andere bewoner van een appartement boven zijn woning was bezorgd, die op dat moment in het buitenland verbleef. Deze bewoner zou de post in week 30 alsnog aan belanghebbende hebben bezorgd, maar belanghebbende was toen op vakantie en verbleef daarna bij zijn ouders zonder zijn eigen woning te bezoeken.
De rechtbank oordeelt dat deze omstandigheden voor risico van belanghebbende komen en dat hij maatregelen had moeten treffen voor postverwerking tijdens zijn afwezigheid. De stelling dat de uitspraak niet per e-mail is verzonden, helpt niet, aangezien de bekendmaking wettelijk via post moet plaatsvinden. Gelet op de dwingende aard van de beroepstermijnen in de Awb verklaart de rechtbank het beroep kennelijk niet-ontvankelijk. Er is geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de aanslag inkomstenbelasting wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het niet tijdig indienen van het beroepschrift.