ECLI:NL:RBZWB:2021:6565
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Proceskostenveroordeling na intrekking beroep wegens niet tijdig besluit UWV
Verzoekster stelde beroep in tegen het niet tijdig nemen van een besluit door het UWV over een herbeoordeling van een uitkering. Nadat het UWV op het bezwaarschrift had beslist, trok verzoekster haar beroep in en verzocht om proceskostenvergoeding.
De rechtbank oordeelde dat het UWV aan het beroep tegemoet was gekomen en wees het verzoek tot proceskostenvergoeding toe. De zaak werd als licht beschouwd, waardoor de vergoeding werd vastgesteld op €374,- voor beroepsmatige rechtsbijstand.
Daarnaast wees de rechtbank erop dat het griffierecht van €360,- door het UWV moet worden vergoed, maar dat verzoekster dit rechtstreeks bij het UWV moet claimen. De uitspraak werd gedaan zonder zitting en openbaar gepubliceerd.
Uitkomst: Het UWV wordt veroordeeld tot vergoeding van €374,- aan proceskosten na intrekking van het beroep.