Verzoekster heeft een wrakingsverzoek ingediend tegen de rechter die belast is met de behandeling van haar beroepen tegen naheffingsaanslagen belasting personenauto’s en motorrijwielen. Zij stelde dat de rechter vooringenomen zou zijn vanwege eerdere uitspraken over Unierecht en het weigeren van haar gemachtigde in andere zaken.
De rechter berustte niet in het wrakingsverzoek en stelde dat eerdere uitspraken geen grond voor wraking kunnen vormen en dat het weigeren van de gemachtigde een procesbeslissing is die niet tot wraking leidt. De wrakingskamer heeft het verzoek inhoudelijk beoordeeld en geoordeeld dat er geen zwaarwegende aanwijzingen zijn voor vooringenomenheid.
Het verzoek om een digitale zitting werd afgewezen omdat de rechtbank Skype-faciliteiten alleen reserveert voor noodzakelijke zaken. De wrakingskamer oordeelde dat het wrakingsverzoek misbruik van recht betreft en bepaalde dat een volgend wrakingsverzoek in deze zaken niet in behandeling wordt genomen.
De beslissing is genomen door de wrakingskamer van de Rechtbank Zeeland-West-Brabant en openbaar gemaakt op 25 februari 2021.