ECLI:NL:RBZWB:2022:1188
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing herhaald verzoek voorlopige voorziening toekenning jeugdhulp
Verzoekster heeft bezwaar gemaakt tegen het besluit van 22 september 2021 van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Breda over de toekenning van jeugdhulp en tevens een verzoek om voorlopige voorziening ingediend. De voorzieningenrechter stelt vast dat het hier gaat om een herhaald verzoek, aangezien op 28 januari 2022 reeds een uitspraak is gedaan over hetzelfde besluit.
Volgens artikel 8:85 van Pro de Algemene wet bestuursrecht is een voorlopige voorziening bedoeld om te gelden tot de uitspraak in de bodemprocedure. Een herhaald verzoek kan alleen worden toegewezen indien er sprake is van nieuwe feiten of ernstige onvolkomenheden in de eerdere uitspraak. De voorzieningenrechter concludeert dat verzoekster geen nieuwe feiten of omstandigheden heeft aangevoerd die een toewijzing rechtvaardigen.
Daarom is het herhaalde verzoek om voorlopige voorziening kennelijk ongegrond en wordt het afgewezen. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het herhaalde verzoek om voorlopige voorziening inzake toekenning jeugdhulp wordt afgewezen wegens ontbreken van nieuwe feiten of ernstige onvolkomenheden.