De kinderrechter van de Rechtbank Zeeland-West-Brabant heeft op 25 maart 2022 besloten tot verlenging van de ondertoezichtstelling en de machtiging tot uithuisplaatsing van twee minderjarigen, geboren in 2011 en 2015, voor de duur van zes maanden. De gecertificeerde instelling (GI) had verzocht om verlenging voor een jaar, maar de rechter vond het plan van aanpak onvoldoende actueel en duidelijk.
Tijdens de mondelinge behandeling waren de ouders, bijgestaan door advocaten, en vertegenwoordigers van de GI aanwezig. De ouders tonen positieve ontwikkelingen, zoals verbeterde communicatie en therapie, maar de GI rapporteert dit onvoldoende. De kinderrechter complimenteert de ouders met hun inzet, maar constateert dat er nog te veel stappen nodig zijn voor terugplaatsing van de kinderen.
De GI moet bij een nieuw verzoek een duidelijk en actueel plan van aanpak overleggen waarin het perspectiefbesluit en de aanpak helder worden beschreven. De rechter wijst ook op het belang van goede en tijdige rapportage in de samenwerking met de ouders. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad verklaard vanwege het belang van continuïteit voor de kinderen.