ECLI:NL:RBZWB:2022:2032
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek proceskostenvergoeding na intrekking beroep inkomstenbelasting 2015
Belanghebbende verzocht de rechtbank om de inspecteur van de Belastingdienst te veroordelen tot vergoeding van proceskosten naar aanleiding van de intrekking van het beroep tegen de aanslag inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen over 2015.
De rechtbank overwoog dat vergoeding van kosten voor beroepsmatig verleende rechtsbijstand alleen mogelijk is voor bepaalde proceshandelingen zoals het indienen van een beroepschrift of het bijwonen van een zitting. In deze zaak was niet gebleken dat een professioneel gemachtigde een beroepschrift had ingediend of een hoorgesprek had gevoerd met de inspecteur.
Daarnaast is vastgesteld dat belanghebbende griffierecht had betaald, maar de wet biedt geen mogelijkheid om de inspecteur te veroordelen tot vergoeding daarvan. Wel moet de inspecteur dit uit eigen beweging vergoeden volgens artikel 8:41, zevende lid, van de Awb. Daarom wees de rechtbank het verzoek om proceskostenvergoeding af.
Uitkomst: Verzoek om proceskostenvergoeding wordt afgewezen wegens ontbreken van beroepsmatig verleende rechtsbijstand en geen mogelijkheid tot vergoeding van griffierecht.