ECLI:NL:RBZWB:2022:2046
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Rechtbank verklaart zich onbevoegd in geschil over beslissingen ontvanger Belastingdienst
Belanghebbende heeft beroep ingesteld tegen een uitspraak op bezwaar van de ontvanger van de Belastingdienst. De rechtbank stelt vast dat zij als fiscale bestuursrechter niet bevoegd is om inhoudelijk te oordelen over besluiten van de ontvanger op grond van de Invorderingswet 1990, tenzij er een specifieke uitzondering geldt. In deze zaak is geen sprake van een dergelijke uitzondering.
Voorts blijkt dat de besluiten waartegen belanghebbende zich verzet, niet zijn genomen op grond van (belasting)wetgeving buiten de Invorderingswet. Voor die besluiten kan geen beroep bij de fiscale bestuursrechter worden ingesteld, en evenmin bezwaar worden gemaakt. Belanghebbende wordt geadviseerd een civiele rechtsvordering in te stellen indien hij een geschil heeft met de ontvanger over deze kwesties.
De rechtbank verklaart zich daarom onbevoegd om het beroep te behandelen en draagt de griffier op het betaalde griffierecht aan belanghebbende terug te betalen. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken verzet worden ingesteld bij de rechtbank.
Uitkomst: De rechtbank verklaart zich onbevoegd en draagt het griffierecht aan belanghebbende terug te betalen.