Belanghebbende maakte bezwaar tegen een naheffingsaanslag motorrijtuigenbelasting opgelegd door de inspecteur van de Belastingdienst. De inspecteur heeft de naheffingsaanslag inmiddels vernietigd, waardoor het beroep van belanghebbende gegrond is verklaard.
Tijdens de zitting op 6 april 2022 te Breda was de inspecteur aanwezig, maar belanghebbende verscheen niet, ondanks een tijdige en correcte uitnodiging. De rechtbank oordeelde dat de uitnodiging rechtsgeldig was gedaan.
Belanghebbende had tevens een verzoek om schadevergoeding ingediend, maar dit werd afgewezen omdat niet voldoende was gesteld of aangetoond welke schade was geleden. Ook een verzoek om proceskostenvergoeding werd niet toegewezen wegens gebrek aan bewijs van kosten die voor vergoeding in aanmerking komen.
De rechtbank vernietigde de uitspraak op bezwaar en de naheffingsaanslag zelf en gelastte dat de inspecteur het betaalde griffierecht van €48 aan belanghebbende vergoedt. De uitspraak is openbaar gemaakt en partijen kunnen binnen zes weken hoger beroep instellen bij het gerechtshof te ’s-Hertogenbosch.