ECLI:NL:RBZWB:2022:2732
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag NOW-3 vanwege niet tijdige loonaangifte ondanks bedrijfsovername
Eiser diende op 21 februari 2021 een aanvraag in voor een tegemoetkoming op grond van de NOW-3 regeling. De minister wees deze aanvraag af omdat eiser zijn loonaangifte over juni 2020 niet uiterlijk op 26 augustus 2020 had ingediend, wat een harde peildatum is om fraude te voorkomen.
Eiser voerde aan dat de late aangifte het gevolg was van een bedrijfsovername in 2019, waarbij hij bedrijfsactiviteiten en een werknemer had overgenomen. De rechtbank oordeelde echter dat de NOW-3 regeling geen ruimte biedt voor afwijking van de peildatum en dat eiser geen bewijs had geleverd van een administratieve wijziging die rechtvaardigt dat van de regeling wordt afgeweken.
De rechtbank concludeerde dat de minister de aanvraag op goede gronden had afgewezen en verklaarde het beroep ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken hoger beroep worden ingesteld bij de Centrale Raad van Beroep.
Uitkomst: Het beroep van eiser tegen de afwijzing van de NOW-3 aanvraag wordt ongegrond verklaard.