Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 19 mei 2022 in de zaak tussen
[naam eiseres] , te [plaatsnaam] , eiseres
Procesverloop
Overwegingen
Feiten
Geschil
Beroepsgronden
Wettelijk kader
Beoordeling
Beoordeling door de rechtbank
8 januari 2020) redelijk was ingesteld op insuline voor haar diabetes. De verzekeringsartsen hebben de informatie van [naam kinderarts] en hun bevindingen aan de hand van het dossier en de gesprekken met eiseres in hun rapportages meegenomen en hebben hun medisch oordeel en de daarbij behorende beperkingen naar het oordeel van de rechtbank voldoende gemotiveerd. De grond van eiseres dat zij geen licht fysieke werkzaamheden kan verrichten omdat zij steeds van houding dient te wisselen, volgt de rechtbank niet. Nog los van het feit dat vertreden tijdens het uitvoeren van een taak mogelijk is, geldt dat medische informatie die de stelling van eiseres onderbouwt, ontbreekt. Voorts is in overweging 6.4 al geoordeeld dat het medisch onderzoek zorgvuldig is geweest. Het bestreden besluit kan wat betreft de aangenomen beperkingen van eiseres dan ook standhouden.
Conclusie
Beslissing
mr. A.M. Pasmans, griffier, op 19 mei 2022 en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.