ECLI:NL:RBZWB:2022:2765
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Veroordeling UWV in proceskosten na intrekking besluit Ziektewet-uitkering
Verzoekster heeft beroep ingesteld tegen het besluit van het UWV van 25 november 2020 over de herziening, terugvordering en invordering van de Ziektewet-uitkering over de periode van 31 oktober 2017 tot en met 23 januari 2020. Op 24 januari 2022 heeft het UWV het bestreden besluit ingetrokken, waarna verzoekster haar beroep introk met het verzoek om het UWV te veroordelen in de proceskosten.
Het UWV erkende dat verzoekster recht heeft op vergoeding van proceskosten en terugbetaling van het griffierecht. De rechtbank heeft op grond van artikel 8:54, eerste lid, Awb, afgezien van een zitting en overwoog dat het UWV door de intrekking van het besluit aan verzoekster is tegemoetgekomen, zodat het UWV in de proceskosten veroordeeld kan worden.
De proceskostenvergoeding is vastgesteld op € 759,00, gebaseerd op het Besluit proceskosten bestuursrecht voor professionele rechtsbijstand. Daarnaast is het griffierecht van € 360,00 aan verzoekster toegekend op grond van artikel 8:41, zevende lid, Awb. De rechtbank veroordeelt het UWV tot betaling van de proceskostenvergoeding van € 759,00.
Uitkomst: Het UWV is veroordeeld tot betaling van € 759,00 aan proceskosten aan verzoekster na intrekking van het besluit.