Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
uitspraak van 9 juni 2022 van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
- verklaart het beroep gegrond, voor zover het bestreden besluit I betreft;
- vernietigt bestreden besluit I;
- bepaalt dat de rechtsgevolgen van het vernietigde bestreden besluit I in stand blijven;
- verklaart het beroep voor het overige ongegrond,
- wijst het verzoek om schadevergoeding af;
- draagt het UWV op het betaalde griffierecht, in de zaken 21/6545 en 21/6544, van in totaal € 94,- aan eiser te vergoeden;
- veroordeelt het UWV in de proceskosten van eiser tot een bedrag van € 2.662,21.