ECLI:NL:RBZWB:2022:3308
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Proceskostenveroordeling na intrekking besluit wapenverlof en jachtakte
In deze bestuursrechtelijke procedure heeft de korpschef op 18 maart 2020 het wapenverlof en de jachtakte van verzoeker ingetrokken. Verzoeker stelde hiertegen administratief beroep in, dat door verweerder op 3 november 2020 ongegrond werd verklaard. Verzoeker ging in beroep bij de rechtbank.
Op 13 april 2022 trok verweerder het bestreden besluit in en verklaarde het administratief beroep gegrond. Naar aanleiding hiervan trok verzoeker het beroep bij de rechtbank in en verzocht om een proceskostenveroordeling van verweerder.
De rechtbank heeft zonder zitting uitspraak gedaan en geoordeeld dat verweerder aan het beroep van verzoeker is tegemoetgekomen. Daarom is het verzoek om proceskostenveroordeling kennelijk gegrond en wordt verweerder veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten ad € 759,-. Daarnaast wijst de rechtbank erop dat verweerder verplicht is het griffierecht van € 354,- te vergoeden.
Uitkomst: De rechtbank veroordeelt de Staatssecretaris tot vergoeding van proceskosten ad € 759,- na intrekking van het bestreden besluit.