ECLI:NL:RBZWB:2022:3354
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening schorsing gebruik loods en bedrijfsgebouwen
Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Roosendaal heeft op 23 juli 2020 een omgevingsvergunning verleend voor het bouwen van een loods en bijbehorende bouwwerken, waarbij de toegestane goothoogte werd overschreden. Verzoekers maakten bezwaar tegen deze vergunning, dat door het college ongegrond werd verklaard. De rechtbank vernietigde deze beslissing op bezwaar en gaf het college opdracht om binnen acht weken een nieuwe beslissing te nemen.
Omdat het college niet binnen deze termijn een nieuwe beslissing nam, stelden verzoekers beroep in tegen het niet tijdig beslissen en verzochten zij om een voorlopige voorziening om het gebruik van de loods en bijbehorende gebouwen te schorsen. De voorzieningenrechter overwoog dat een voorlopige voorziening bedoeld is om in afwachting van de hoofdzaak een voorlopige maatregel te treffen, waarbij spoedeisendheid en een voorlopig oordeel over de rechtmatigheid van het besluit centraal staan.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het verzoek om schorsing van het gebruik te ver gaat en de rechtsbescherming van de vergunninghouder zou doorkruisen. Verzoekers hadden onvoldoende aannemelijk gemaakt dat de overlast zodanig was dat zij niet konden wachten op de uitspraak in het beroep tegen het niet tijdig beslissen. Daarom werd het verzoek afgewezen en was er geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening om het gebruik van de loods en bijbehorende gebouwen te schorsen is afgewezen.