Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Halderberge verleende op 8 juni 2021 een omgevingsvergunning aan een derde partij voor het realiseren van een verbindingsweg tussen twee locaties in [plaatsnaam]. Eiser, wonende nabij het project, stelde beroep in tegen dit besluit, stellende dat de verkeerskundige onderbouwing onvoldoende was en dat het woon- en leefklimaat door de weg zou verslechteren.
De rechtbank constateerde dat het college in het bestreden besluit onvoldoende cijfermatig had onderbouwd dat sprake was van een verkeersonveilige situatie, waardoor het besluit een motiveringsgebrek vertoonde. Dit leidde tot vernietiging van het besluit. Echter, in beroep had het college aanvullende verkeerskundige rapporten en observaties overgelegd die de noodzaak van de wegomlegging voldoende onderbouwden.
De rechtbank oordeelde dat de belangen van verkeersveiligheid zwaarder wogen dan de belangen van eiser, ondanks de verslechtering van het woon- en leefklimaat en het kappen van bomen. De rechtbank liet daarom de rechtsgevolgen van het vernietigde besluit in stand. Tevens werd het college veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten aan eiser.