Belanghebbende werd geconfronteerd met een naheffingsaanslag accijns van €3.060 en €27 belastingrente nadat bij een doorzoeking in haar woning 16.000 sigaretten zonder accijnszegel werden aangetroffen. Belanghebbende voerde aan dat de sigaretten voor eigen gebruik waren en dat de aanslag in verhouding tot haar inkomen onredelijk was, waarbij ook een mediationverzoek werd afgewezen.
De rechtbank oordeelde dat de inspecteur terecht de naheffingsaanslag oplegde, omdat de hoeveelheid sigaretten de grens van 800 stuks voor eigen gebruik ruim overschreed en geen tegenbewijs was geleverd. Tevens is wetenschap van de onveraccijnsde status niet vereist om als belastingplichtige te worden aangemerkt.
De rechtbank stelde dat de inspecteur geen beoordelingsvrijheid heeft bij de tariefstelling van accijns en dat het evenredigheidsbeginsel en zorgvuldigheidsbeginsel niet zijn geschonden. Het mediationverzoek en de bezwaarprocedure zijn correct doorlopen. Het beroep tegen de aanslag en belastingrente werd ongegrond verklaard, en belanghebbende krijgt geen griffierecht of proceskostenvergoeding terug.