ECLI:NL:RBZWB:2022:375
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Vereenvoudigde behandeling
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkverklaring bezwaar inkomstenbelasting wegens termijnoverschrijding
Belanghebbende maakte bezwaar tegen een aanslag inkomstenbelasting met dagtekening 17 oktober 2014. De inspecteur verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk wegens overschrijding van de wettelijke bezwaartermijn van zes weken en weigerde ambtshalve vermindering vanwege overschrijding van de vijfjaarstermijn voor ambtshalve vermindering.
Belanghebbende stelde dat eerder bezwaar was gemaakt, onder meer mondeling in 2013 en schriftelijk in 2015, maar kon dit niet aantonen. De rechtbank oordeelde dat het bezwaar schriftelijk moet worden ingediend en dat een mondeling bezwaar vóór de aanslagdatum niet mogelijk is. Ook de persoonlijke omstandigheden van belanghebbende, waaronder ziekte, rechtvaardigen geen termijnoverschrijding.
De rechtbank concludeerde dat het bezwaar terecht niet-ontvankelijk is verklaard en dat het beroep tegen de ambtshalve beslissing kennelijk ongegrond is. Een verzoek om ambtshalve vermindering moet binnen vijf jaar na het kalenderjaar van de aanslag zijn ingediend, wat hier niet het geval was. Het beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het bezwaar tegen de aanslag wordt niet-ontvankelijk verklaard en het beroep tegen de ambtshalve beslissing wordt afgewezen.