De rechtbank Zeeland-West-Brabant heeft verdachte veroordeeld voor het gedurende ongeveer een jaar meermalen seksueel binnendringen van een meisje van 13 en later 14 jaar. Verdachte, destijds 53 jaar oud, was op de hoogte van de jonge leeftijd en psychische kwetsbaarheid van het slachtoffer.
De bewezenverklaring omvatte diverse seksuele handelingen, waaronder het binnendringen met vingers en penis en het zich laten aftrekken. Verdachte heeft dit ook bekennend verklaard. De rechtbank achtte de strafbaarheid onomstreden en verwierp het verweer dat de periode beperkt moest worden.
De rechtbank legde een gevangenisstraf op van 24 maanden, waarvan 6 voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar, inclusief bijzondere voorwaarden zoals meldplicht en behandeling bij een GGZ-instelling. De ernst van het misbruik van de kwetsbaarheid van het slachtoffer en het leeftijdsverschil werden zwaar meegewogen.
Daarnaast werd aan het slachtoffer een immateriële schadevergoeding van €10.000 toegekend met wettelijke rente vanaf de dag van vordering. De materiële schadevergoeding werd afgewezen wegens complexiteit en kan bij de burgerlijke rechter worden ingediend. De rechtbank legde een schadevergoedingsmaatregel op met gijzeling als dwangmiddel bij niet-betaling.