ECLI:NL:RBZWB:2022:395
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Voorlopige voorziening
- T. Peters
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen bouw omgevingsvergunning
Verzoekers hebben beroep ingesteld tegen het besluit van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Schouwen-Duiveland tot het verlenen van een omgevingsvergunning voor de bouw van een woning op een aangrenzend perceel. Zij verzochten tevens om een voorlopige voorziening om de vergunning te schorsen, omdat een bouwbedrijf al was begonnen met het uitzetten van de fundering.
De voorzieningenrechter overweegt dat de voorlopige voorziening bedoeld is om in afwachting van de hoofdzaak een maatregel te treffen indien onverwijlde spoed dat vereist. Hoewel de bouw binnenkort begint, zal deze na het storten van de fundering en vloeren stilgelegd worden tot na het broedseizoen, conform natuurvoorschriften. De beroepen worden behandeld op 8 april 2022, en de uitspraak wordt in mei 2022 verwacht.
Verzoekers vrezen dat door het storten van de fundering een onomkeerbare situatie ontstaat die de positie van de woning definitief vastlegt. De voorzieningenrechter oordeelt echter dat het storten van fundering en vloeren niet onomkeerbaar is; indien nodig kunnen deze verwijderd of afgedekt worden. Het schorsen zou een onevenredig nadeel voor vergunninghouder betekenen, terwijl het belang van verzoekers beperkt is. Daarom wordt het verzoek afgewezen en is geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tot schorsing van de omgevingsvergunning wordt afgewezen.