ECLI:NL:RBZWB:2022:4062
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep gegrond wegens niet tijdig beslissen en vaststelling dwangsom door heffingsambtenaar
Belanghebbende heeft beroep ingesteld omdat de heffingsambtenaar niet tijdig heeft beslist op zijn bezwaarschrift. De rechtbank oordeelt dat de beslistermijn, inclusief verlenging, is verstreken zonder dat een besluit is genomen. Na ingebrekestelling door belanghebbende is nog steeds geen besluit genomen.
De rechtbank bepaalt dat de heffingsambtenaar binnen twee weken alsnog een besluit moet nemen en legt een dwangsom op van €100 per dag met een maximum van €15.000. Gelet op de verstreken termijn is de dwangsom vastgesteld op €1.442. Daarnaast moet de heffingsambtenaar het betaalde griffierecht vergoeden en proceskosten van €379,50 betalen aan belanghebbende.
Het verzoek om immateriële schadevergoeding wordt afgewezen omdat de redelijke termijn voor de beroepsprocedure niet is overschreden. De uitspraak is gedaan door rechter Bastiaansen en openbaar gemaakt op 22 juli 2022.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, de heffingsambtenaar moet binnen twee weken alsnog beslissen en een dwangsom van €1.442 betalen.