ECLI:NL:RBZWB:2022:4074
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Vereenvoudigde behandeling
- Rechtspraak.nl
Beroepen niet-ontvankelijk wegens niet betalen griffierecht bij aanslagen vennootschapsbelasting
Belanghebbende heeft beroep ingesteld tegen de aanslagen vennootschapsbelasting over de jaren 2012, 2016, 2018, 2019 en 2020. De rechtbank is bevoegd om deze beroepen te behandelen. Volgens artikel 8:41 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb) moet bij het instellen van beroep griffierecht worden betaald. De griffier heeft belanghebbende meerdere malen in de gelegenheid gesteld het griffierecht van €365,- binnen een gestelde termijn te betalen.
Belanghebbende heeft echter geweigerd het griffierecht te voldoen, stellende dat dit in strijd zou zijn met artikel 17 van Pro de Grondwet en dat er geen mandaat bestaat om het griffierecht op te leggen. De rechtbank oordeelt dat deze argumenten niet leiden tot het vervallen van de betalingsverplichting en dat belanghebbende niet heeft gesteld niet in staat te zijn het griffierecht te betalen.
Daarom verklaart de rechtbank de beroepen kennelijk niet-ontvankelijk op grond van artikel 8:54 Awb Pro. Een proceskostenveroordeling wordt niet opgelegd. De uitspraak is gedaan zonder zitting en openbaar gemaakt op 22 juli 2022 door rechter S.A.J. Bastiaansen.
Uitkomst: De rechtbank verklaart de beroepen niet-ontvankelijk wegens niet tijdige betaling van het griffierecht.