ECLI:NL:RBZWB:2022:4091
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen naheffingsaanslag parkeerbelasting wegens ongeldige parkeervergunning
Belanghebbende maakte bezwaar tegen een naheffingsaanslag parkeerbelasting van €66,80 opgelegd door de heffingsambtenaar van de gemeente vanwege het niet betalen van parkeerbelasting op 16 april 2021. De auto van belanghebbende stond geparkeerd aan de [straatnaam] ter hoogte van nummer 57, terwijl zijn parkeervergunning alleen geldig was voor de even zijde van de straat tussen nummers 2 en 160.
Belanghebbende stelde dat zijn vergunning ook geldig was op de plek waar de auto stond geparkeerd en verwees naar eerdere communicatie met de gemeente. De heffingsambtenaar handhaafde de naheffingsaanslag omdat de vergunning niet voor die locatie gold en er geen betaling was gedaan.
De rechtbank oordeelde dat het Aanwijzingsbesluit parkeerbelastingen duidelijk onderscheid maakt tussen even en oneven huisnummers en dat belanghebbende buiten zijn vergunningzone had geparkeerd. Daarom was de naheffingsaanslag terecht opgelegd. Het beroep werd ongegrond verklaard, waarbij belanghebbende geen griffierecht of proceskostenvergoeding kreeg.
Uitkomst: Het beroep tegen de naheffingsaanslag parkeerbelasting wordt ongegrond verklaard omdat de parkeervergunning niet geldig was op de locatie van het parkeren.