ECLI:NL:RBZWB:2022:4271
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Handhaving prostitutieactiviteiten in woning zonder vergunning door gemeente Tilburg
Eiser huurde een woning aan een adres in Tilburg waar zonder vergunning prostitutieactiviteiten werden verricht. Het college van burgemeester en wethouders legde op 9 februari 2021 een last onder dwangsom op wegens overtreding van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht en de Algemene Plaatselijke Verordening. Na constatering van voortzetting van de overtreding op 18 mei 2021 werd een dwangsom ingevorderd.
Eiser voerde aan dat hij niet wist van de prostitutieactiviteiten en dat de last onder dwangsom en invordering onevenredig waren, mede vanwege zijn financiële situatie. De rechtbank oordeelde dat eiser als overtreder moet worden aangemerkt omdat hij niet aannemelijk maakte dat hij niet wist of kon weten van de activiteiten. De opgelegde dwangsom was passend en niet onredelijk hoog.
De rechtbank verwierp ook het beroep op het evenredigheidsbeginsel en het argument dat invordering van de dwangsom onredelijk was vanwege de Participatiewet-uitkering van eiser. Het beroep werd ongegrond verklaard, en eiser kreeg geen griffierecht of proceskostenvergoeding terug.
Uitkomst: Het beroep van eiser tegen de last onder dwangsom en invordering wegens prostitutieactiviteiten in zijn woning zonder vergunning is ongegrond verklaard.