ECLI:NL:RBZWB:2022:4405
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- A.F.M.Q. van Dooren
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek proceskostenvergoeding na intrekking beroepen tegen aanslagen IB/PVV 2011-2013
Belanghebbende maakte bezwaar tegen aanslagen inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen voor de jaren 2011, 2012 en 2013. De inspecteur wees de bezwaren voor 2011 en 2012 af en kwam deels tegemoet voor 2013. Belanghebbende stelde beroepen in tegen de besluiten, maar trok deze op 28 juni 2022 in met het verzoek om proceskosten en griffierecht te vergoeden.
De intrekking hing samen met een aanvraag voor een tegemoetkoming wegens dubbele premieheffing op grond van de Regeling Tijdelijke Tegemoetkoming Rijnvarenden, waarvoor definitieve aanslagen vereist zijn. De rechtbank vroeg de inspecteur om een reactie, die stelde dat geen sprake was van gegronde beroepen en dat geen reden bestond voor vergoeding van kosten.
De rechtbank oordeelde dat de intrekking niet het gevolg was van tegemoetkoming door de inspecteur, aangezien de aanslagen niet nader waren verminderd. De mogelijke toekomstige tegemoetkoming via de Regeling betreft een aparte procedure en kan niet leiden tot een veroordeling in proceskosten. Daarom wees de rechtbank het verzoek af en bepaalde dat geen griffierechtvergoeding wordt toegekend.
Uitkomst: Verzoek tot vergoeding van proceskosten en griffierecht na intrekking beroepen wordt afgewezen.