ECLI:NL:RBZWB:2022:4517
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens overschrijding beroepstermijn inkomstenbelasting 2016
Belanghebbende heeft beroep ingesteld tegen de uitspraak op bezwaar van de inspecteur van de Belastingdienst inzake een ambtshalve vermindering van de inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen over het jaar 2016. De rechtbank stelt vast dat het beroepschrift niet tijdig is ingediend, aangezien de termijn van zes weken na dagtekening 3 februari 2022 eindigde en het beroepschrift pas op 17 februari 2022 digitaal werd ontvangen.
Belanghebbende voerde aan dat hij tot 16 februari 2022 in quarantaine in Portugal verbleef vanwege Covid-19, maar heeft deze stelling niet onderbouwd. De rechtbank oordeelt dat dit geen verontschuldiging vormt voor het te laat indienen van het beroepschrift, mede omdat het de verantwoordelijkheid van belanghebbende is om bij een langer verblijf in het buitenland adequate postverwerking te regelen.
Daarom verklaart de rechtbank het beroep kennelijk niet-ontvankelijk zonder proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door rechter S.A.J. Bastiaansen op 5 augustus 2022 en openbaar gemaakt via rechtspraak.nl.
Uitkomst: Het beroep is niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de beroepstermijn zonder geldige verontschuldiging.