ECLI:NL:RBZWB:2022:4576
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep gegrond tegen niet-ontvankelijkverklaring bezwaar wegens overschrijding bezwaartermijn
Belanghebbende heeft beroep ingesteld tegen de uitspraak op bezwaar van de heffingsambtenaar, die het bezwaar niet-ontvankelijk had verklaard wegens overschrijding van de bezwaartermijn.
De rechtbank beoordeelt de toepasselijkheid van de termijnen zoals vastgelegd in de Algemene wet bestuursrecht (Awb) en de Algemene wet inzake rijksbelastingen. De heffingsambtenaar heeft niet aannemelijk gemaakt dat de aanslag tijdig is verzonden en bekendgemaakt, terwijl belanghebbende heeft gesteld de aanslag later te hebben ontvangen omdat deze niet aan hem was geadresseerd.
Omdat de heffingsambtenaar geen verweerschrift of bewijsstukken heeft overgelegd, oordeelt de rechtbank dat het bezwaar ten onrechte niet-ontvankelijk is verklaard. Het beroep is daarom gegrond, de uitspraak op bezwaar wordt vernietigd en de heffingsambtenaar wordt opgedragen een nieuwe beslissing te nemen.
Daarnaast moet de heffingsambtenaar het betaalde griffierecht aan belanghebbende vergoeden. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling omdat niet is aangetoond dat belanghebbende kosten heeft gemaakt die voor vergoeding in aanmerking komen.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, de niet-ontvankelijkverklaring van het bezwaar wordt vernietigd en de heffingsambtenaar moet een nieuwe beslissing nemen.