ECLI:NL:RBZWB:2022:4616
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroepen niet-ontvankelijk wegens ontbreken juiste machtiging bij WOZ-waarden
De belanghebbende heeft namens zichzelf beroep ingesteld tegen de vastgestelde WOZ-waarden van meerdere panden. De gemachtigde diende een machtiging in die niet voldeed aan de vereisten omdat de naam van de machtigingsgever ontbrak. De rechtbank heeft de gemachtigde tweemaal schriftelijk verzocht dit te herstellen, maar binnen de gestelde termijnen werd geen correcte machtiging overgelegd.
Op grond van artikel 8:24, tweede lid, en artikel 6:6 van Pro de Algemene wet bestuursrecht verklaart de rechtbank de beroepen daarom kennelijk niet-ontvankelijk. Tevens heeft de gemachtigde een verzoek ingediend tot vergoeding van immateriële schade wegens overschrijding van de redelijke behandeltermijn, maar de rechtbank stelt vast dat deze termijn niet is overschreden en wijst het verzoek af.
De uitspraak is gedaan zonder zitting op grond van artikel 8:54 Awb Pro. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is geanonimiseerd gepubliceerd en partijen zijn op de hoogte gesteld van de mogelijkheid tot het indienen van een verzetschrift binnen zes weken.
Uitkomst: De beroepen worden niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van een juiste machtiging en het verzoek om immateriële schadevergoeding wordt afgewezen.