ECLI:NL:RBZWB:2022:4722
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen niet tijdig beslissen op bezwaar WGA-vervolguitkering
Eiser heeft beroep ingesteld omdat verweerder niet binnen de wettelijke termijn heeft beslist op zijn bezwaar van 17 augustus 2021 tegen het besluit van 15 juli 2021 over de toekenning van een WGA-vervolguitkering per 17 september 2021.
De rechtbank stelt vast dat verweerder de beslistermijn van zeventien weken, met een verlenging van zes weken, heeft overschreden. Eiser heeft verweerder op 4 februari 2022 in gebreke gesteld en sindsdien zijn meer dan twee weken verstreken zonder besluit. Daarom is het beroep gegrond.
De rechtbank beveelt verweerder binnen twee weken na verzending van deze uitspraak alsnog een besluit te nemen. Tevens wordt een dwangsom van € 100,- per dag opgelegd bij verdere overschrijding, met een maximum van € 15.000,-. Verweerder moet het betaalde griffierecht van € 50,- en proceskosten van € 379,50 aan eiser vergoeden.
De zaak is behandeld zonder zitting, conform artikel 8:54 Awb Pro, en de rechtbank kwalificeert het geschil als licht van aard, wat tot uitdrukking komt in de hoogte van de proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Verweerder moet binnen twee weken alsnog beslissen op het bezwaar en een dwangsom betalen bij overschrijding.