Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
4.De beoordeling van het bewijs
5.De overwegingen omtrent het beslag.
6.De beslissing
spreekt verdachte vrijvan het tenlastegelegde feit;
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
De rechtbank Zeeland-West-Brabant heeft verdachte vrijgesproken van het medeplegen van gewoontewitwassen van geldbedragen tot in totaal €112.220 en een Volkswagen Tiguan. Verdachte ontkende de tenlastelegging en de rechtbank vond dat uit het dossier niet bleek dat verdachte wetenschap had of moest hebben van de criminele herkomst van de gelden en de auto.
Het bewijs van het Openbaar Ministerie was gebaseerd op telefoongesprekken en financiële transacties, maar de verklaring van verdachte was concreet, verifieerbaar en niet onwaarschijnlijk. Het OM had deze verklaring niet nader onderzocht, waardoor de rechtbank de juistheid niet kon controleren. Ook ontbraken bankgegevens van verdachte, waardoor niet kon worden vastgesteld welke bedragen verdachte daadwerkelijk had beheerd of gebruikt.
Ten aanzien van de auto oordeelde de rechtbank dat verdachte slechts een deel van de betaling had gedaan met legale middelen en niet wist van de contante betaling die mogelijk uit misdrijf afkomstig was. Ook was niet bewezen dat verdachte wist van de tenaamstelling op naam van een ander.
Gezien het integrale gebrek aan wettig en overtuigend bewijs sprak de rechtbank verdachte vrij. Tevens werd het conservatoir beslag op een andere auto opgeheven, omdat het OM geen ontnemingsvordering had aangekondigd.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken van medeplegen gewoontewitwassen van geldbedragen en een auto wegens onvoldoende bewijs en het ontbreken van wetenschap.