Eiser, voormalig politieagent, werd arbeidsongeschikt door chronische PTSS en een matige depressieve episode. Het UWV kende hem een WGA-uitkering toe met een arbeidsongeschiktheidspercentage van 83,29%, maar stelde dat zijn beperkingen niet duurzaam waren. De rechtbank beoordeelde het medisch dossier, waaronder rapporten van verzekeringsartsen en een regiebehandelaar, en concludeerde dat ondanks lopende NET-therapie geen verbetering van de belastbaarheid te verwachten was.
De verzekeringsartsen baseerden hun oordeel op een beoordelingskader met drie stappen, waarbij zij aannamen dat verbetering mogelijk was vanwege de lopende behandeling. De regiebehandelaar gaf echter aan dat de therapie geen effect had en herstel niet meer verwacht werd. De rechtbank vond dat het UWV onvoldoende had gemotiveerd waarom verbetering toch verwacht kon worden.
Daarom vernietigde de rechtbank het bestreden besluit en kende zij eiser met ingang van 31 mei 2021 een IVA-uitkering toe wegens volledige en duurzame arbeidsongeschiktheid. Tevens werden het griffierecht en proceskosten aan eiser toegewezen. De uitspraak is openbaar en bevat een toelichting op de juridische criteria voor duurzaamheid van arbeidsongeschiktheid volgens de WIA.