ECLI:NL:RBZWB:2022:5970
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen niet-ontvankelijkverklaring beroep wegens termijnoverschrijding afgewezen
Opposant heeft beroep ingesteld tegen een besluit van de minister van Justitie en Veiligheid, maar het beroep werd niet-ontvankelijk verklaard omdat het niet tijdig was ingediend. Tegen deze uitspraak is verzet ingesteld, dat op zitting is behandeld waarbij opposant niet verscheen.
De rechtbank toetst in deze verzetprocedure of de eerdere niet-ontvankelijkverklaring terecht was, waarbij het bewijs van tijdige indiening centraal stond. Opposant stelde het beroepschrift op 11 mei 2022 te hebben afgegeven bij een PostNL punt, maar de enveloppe droeg een poststempel van 12 mei 2022 en het beroepschrift zelf was eveneens op die datum gedateerd.
De rechtbank oordeelde dat opposant niet aannemelijk heeft gemaakt dat het beroepschrift tijdig ter post is gebracht. Het verzet is daarom ongegrond verklaard en de eerdere uitspraak blijft in stand. Het griffierecht blijft verschuldigd omdat dit ook bij ongegrond verklaarde beroepen wordt geheven. Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het verzet tegen de niet-ontvankelijkverklaring van het beroep wordt ongegrond verklaard en het griffierecht blijft verschuldigd.