Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.De procedure
- de drie kennisgevingen van inbeslagname op grond van artikel 94 van Pro het Wetboek van Strafvordering (hierna te noemen: Sv), waaruit blijkt dat op 19 juli 2021 en 22 juli 2021 in het strafvorderlijk onderzoek tegen [klager] in beslag is genomen: 11.000 stuks kratten groen, 2.500 stuks kratten zwart en 700 stuks kratten, merk/type [bedrijf] rolcontainer;
- het klaagschrift, ingediend op 12 oktober 2021 ter griffie van deze rechtbank ingevolge artikel 552a Sv;
- het verweerschrift van de officier van justitie; en
- de overige stukken uit het bijbehorende raadkamerdossier met voornoemd raadkamernummer.
2.De beoordeling
3.De beslissing
beroep in cassatieworden ingesteld bij de Hoge Raad der Nederlanden te 's-Gravenhage (artikel 552d lid 2 Wetboek van Strafvordering).