ECLI:NL:RBZWB:2022:6123
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vergoeding proceskosten na intrekking beroep WIA-uitkering dagloon
Verzoeker ontving een WIA-uitkering met een vastgesteld dagloon dat hij betwistte. Na bezwaar verklaarde het UWV het bezwaar ongegrond, waarna verzoeker beroep instelde. Later stelde het UWV het dagloon alsnog bij, waarna verzoeker het beroep introk en proceskostenvergoeding vorderde.
De rechtbank overwoog dat bij intrekking van het beroep wegens tegemoetkoming door het bestuursorgaan, proceskosten kunnen worden toegewezen. Omdat verzoeker tijdens de bezwaarfase geen proceskosten had gevorderd, beperkte de rechtbank zich tot de beroepsfase.
De rechtbank achtte het verzoek kennelijk gegrond en veroordeelde het UWV tot vergoeding van € 759,- aan proceskosten, conform het Besluit proceskosten bestuursrecht. Daarnaast wees de rechtbank erop dat het griffierecht van € 49,- rechtstreeks bij het UWV kan worden gevorderd.
De uitspraak werd gedaan zonder zitting en openbaar gepubliceerd op 20 oktober 2022 door rechter I.M. Josten.
Uitkomst: Het UWV is veroordeeld tot vergoeding van € 759,- aan proceskosten na intrekking van het beroep.