ECLI:NL:RBZWB:2022:6263
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Bodemzaak
- Thielen
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot conservatoir leveringsbeslag onder derde wegens wettelijke beperking
In deze zaak verzocht de verzoekster om het leggen van conservatoir derdenbeslag onder een derde, [bedrijfsnaam], tot levering van drie onroerende zaken. De voorzieningenrechter heeft de verzoekster verzocht haar verzoek nader toe te lichten en aan te vullen, met name over de grondslag van haar vordering en het belang bij het beslag.
De verzoekster gaf aan dat het niet ging om een beslag tot verhaal van een geldelijke vordering, maar om een beslag tot levering van onroerende zaken. De voorzieningenrechter overwoog dat conservatoir derdenbeslag op grond van artikel 718 e.v. Rv uitsluitend kan worden gelegd ter verhaal van een vordering. Jurisprudentie en literatuur bevestigen dat derdenbeslag alleen mogelijk is als verhaalsbeslag.
Omdat de verzoekster geen vordering tot levering jegens de derde had, maar slechts jegens de belanghebbende, voorziet de wet niet in een mogelijkheid tot conservatoir beslag tot levering onder een derde. Voor levering van onroerende zaken is het artikel 730 e.v. Rv van toepassing, maar dit betreft beslag tot afgifte of levering en niet onder derden.
Daarom wees de voorzieningenrechter het verzoek af omdat het niet binnen de wettelijke kaders valt. De beschikking werd uitgesproken op 27 oktober 2022 door mr. Thielen.
Uitkomst: Het verzoek tot het leggen van conservatoir derdenbeslag tot levering van onroerende zaken onder een derde is afgewezen wegens gebrek aan wettelijke grondslag.