ECLI:NL:RBZWB:2022:6268
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen niet tijdig beslissen op bezwaar individuele voorziening Jeugdwet
Eiser heeft bezwaar gemaakt tegen een besluit van 28 januari 2022 over de toekenning van een individuele voorziening ingevolge de Jeugdwet. Verweerder, het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Breda, heeft niet binnen de wettelijke termijn van twaalf weken beslist op dit bezwaar, mede vanwege een opschorting van de beslistermijn.
Na het verstrijken van de termijn heeft eiser verweerder op 4 augustus 2022 in gebreke gesteld, waarna het beroep is ingesteld. De rechtbank oordeelt dat het beroep gegrond is omdat verweerder nog geen besluit heeft genomen en draagt verweerder op dit alsnog binnen twee weken na verzending van het vonnis te doen.
Daarnaast legt de rechtbank een dwangsom van € 100,- per dag op voor elke dag dat de beslistermijn wordt overschreden, met een maximum van € 15.000,-. Verweerder wordt tevens veroordeeld tot vergoeding van het betaalde griffierecht en de proceskosten van eiser, welke worden vastgesteld op € 379,50, gelet op de lichte aard van de zaak en het gebruik van een gemachtigde.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep gegrond en draagt verweerder op binnen twee weken alsnog te beslissen onder oplegging van een dwangsom.