Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBZWB:2022:6522

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Datum uitspraak
4 april 2022
Publicatiedatum
7 november 2022
Zaaknummer
21-018559
Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Raadkamer
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 94 SvArt. 117 SvArt. 119 lid 2 SvArt. 134 lid 2 onder c SvArt. 353 Sv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkheid klaagschrift wegens vernietiging van in beslag genomen auto

Klager diende een klaagschrift in tegen het beslag op zijn auto en rijbewijs, die in beslag waren genomen wegens gevaarlijk rijgedrag en rijden met een ingevorderd rijbewijs. De officier van justitie stelde dat de auto inmiddels was vernietigd en dat het rijbewijs was ingevorderd na eerdere overtredingen.

De rechtbank oordeelde dat het beslag op de auto was geëindigd door de verbeurdverklaring en vernietiging van het voertuig, waardoor het klaagschrift gericht op teruggave van het beslag niet-ontvankelijk is. De rechtbank zal in de strafzaak zelf een finaal oordeel geven over het beslag en eventuele uitbetaling van vervangende waarde.

Daarom werd het klaagschrift van klager afgewezen en niet-ontvankelijk verklaard. Klager kan tegen deze beslissing beroep in cassatie instellen bij de Hoge Raad.

Uitkomst: Klager wordt niet-ontvankelijk verklaard in zijn klaagschrift wegens beëindiging van het beslag op de auto door verbeurdverklaring en vernietiging.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Team strafrecht
Locatie Breda
parketnummer: -
rk.nummer: 21-018559
Beslissing op het klaagschrift ex artikel 552a van het Wetboek van Strafvordering van:
[klager]wonende te [woonadres] ,
woonplaats kiezende ten kantore van mr. P.R. Klaver, Van der Rijtstraat 57, 4600 AJ Bergen op Zoom
hierna te noemen: klager.

1.De procedure

Het verloop van de procedure blijkt uit de volgende stukken:
  • de kennisgeving van inbeslagname op grond van artikel 94 van Pro het Wetboek van Strafvordering (hierna te noemen: Sv), waaruit blijkt dat op 18 oktober 2021 onder klager in beslag is genomen: een personenauto van het merk, Mitsubishi, type, Carisma en voorzien van het kenteken; [kenteken] .
  • het klaagschrift, ingediend op 29 november 2021 ter griffie van deze rechtbank ingevolge artikel 552a Sv;
  • het verweerschrift van de officier van justitie; en
  • de overige stukken uit het bijbehorende raadkamerdossier met voornoemd raadkamernummer.
Het klaagschrift is behandeld in raadkamer op 21 maart 2022. Gehoord zijn de officier van justitie, klager en mr. J.J. Bronsveld als, waarnemend, gemachtigd raadsman van klager.
Namens klager is aangevoerd dat zowel zijn rijbewijs als zijn auto (Mitsubishi Carisma, kenteken; [kenteken] ) in beslag zijn genomen c.q. in zijn gevorderd. Klager heeft beide nodig voor zijn werk en het onderhouden van sociale contacten. Klager verzoekt de rechtbank zijn klaagschrift gegrond te verklaren.
De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat er op 18 oktober 2021 tegen klager proces-verbaal is opgemaakt wegen het rijden met een ingevorderd rijbewijs en het veroorzaken van gevaar en/of hinder op de weg. Daarnaast heeft klager een stopteken genegeerd en overschrijdde hij de maximum toegestane snelheid. Klager heeft getracht aan zijn aanhouding te ontkomen door van de verbalisanten weg te rijden nadat zij een stopteken gaven. Dit heeft geresulteerd in een achtervolging op zeer hoge snelheid waarbij aanrijdingen ternauwernood voorkomen konden worden. Het rijbewijs van klager was eerder, op 17 oktober, ingenomen wegens een overschrijding van de maximum snelheid met 50 km/u. Dit heeft klager er niet van weerhouden (wederom) achter het stuur plaats te nemen hetgeen geresulteerd heeft in (zeer) gevaarlijk rijgedrag. De kans op recidive wordt als groot gezien. De betreffende auto is inmiddels vernietigd. De officier van justitie is van mening dat de verkeersveiligheid dient te prevaleren boven het persoonlijk belang van klager. Gelet op het voorgaande is de officier van justitie de mening toegedaan dat het niet hoogst onwaarschijnlijk is dat de strafrechter, later oordelend, de verbeurdverklaring van de auto zo bevelen.

2.De beoordeling

De raadkamer van de rechtbank is bevoegd tot afdoening van het klaagschrift.
Het klaagschrift is tijdig ingediend.
De rechtbank maakt uit de stukken en het verhandelde in raadkamer op dat de auto met toestemming van de officier van justitie is vernietigd. De rechtbank stelt vast dat het beslag gelegd op grond van artikel 94 reeds Pro is geëindigd omdat de auto verbeurdverklaard is. Door vernietiging met een machtiging als bedoeld in artikel 117 Sv Pro eindigt het beslag (artikel 134 lid 2 onder Pro c Sv). Dat brengt met zich dat klager in zijn klaagschrift, strekkende tot teruggave van het beslag, niet ontvankelijk dient te worden verklaard.
De rechtbank zal in de strafzaak tegen klager een finaal oordeel geven over het beslag ex art. 353 Sv Pro. Hieruit zal volgen of klager aanspraak kan maken op de uitbetaling van de vervangende waarde ex art. 119 lid 2 Sv Pro. De rechtbank zal klager niet-ontvankelijk verklaren in zijn beklag.

3.De beslissing

De rechtbank verklaart klager niet-ontvankelijk in zijn klaagschrift.
Deze beslissing is op 4 april 2022 gegeven door mr. R.P. Broeders, rechter, in tegenwoordigheid van J. van ‘t Westende, griffier, en is uitgesproken ter openbare terechtzitting van 4 april 2022.
INFORMATIE RECHTSMIDDEL
Tegen deze beslissing kan door het Openbaar Ministerie binnen veertien dagen na dagtekening van deze beslissing en door de klager binnen veertien dagen na de betekening van deze beslissing
beroep in cassatieworden ingesteld bij de Hoge Raad der Nederlanden te 's-Gravenhage (artikel 552d lid 2 Wetboek van Strafvordering).