ECLI:NL:RBZWB:2022:6790
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- T. Peters
- Rechtspraak.nl
Vernietiging omgevingsvergunning wegens onvoldoende beoordeling waterhuishouding
Eiseres maakte bezwaar tegen de omgevingsvergunning voor het bouwen van 10 woningen aan een adres in Tilburg, omdat zij vreest voor wateroverlast op haar perceel. Het college verleende de vergunning, maar betrok de waterhuishouding niet bij de beoordeling, stellende dat dit geen onderdeel uitmaakt van het toetsingskader. De rechtbank oordeelt dat de waterhuishouding wel degelijk onderdeel uitmaakt van het toetsingskader, omdat het initiatief op meerdere punten afwijkt van het bestemmingsplan en deze afwijkingen gezamenlijk invloed kunnen hebben op de waterhuishouding.
De rechtbank beoordeelt vervolgens de strijd met de goede ruimtelijke ordening. Hoewel eiseres een contra-expertise overlegt waarin twijfels worden geuit over de geboden oplossingen, blijkt uit de correspondentie tussen deskundigen dat de voorgestelde maatregelen een werkbare oplossing bieden. Het college en vergunninghouder zijn bereid deze maatregelen te realiseren. De rechtbank acht de oplossing voldoende en wijst het betoog van eiseres af.
De rechtbank verklaart het beroep gegrond vanwege het niet betrekken van de waterhuishouding bij de beoordeling en vernietigt het besluit voor zover dit betreft. De rechtsgevolgen van het vernietigde gedeelte blijven echter in stand omdat uit de deskundigenrapporten geen strijd met de goede ruimtelijke ordening blijkt. Het college wordt veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten aan eiseres.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit vernietigd voor zover de waterhuishouding niet is betrokken, maar de rechtsgevolgen blijven in stand.