ECLI:NL:RBZWB:2022:7098
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling naheffingsaanslagen parkeerbelasting wegens onbetaald parkeren in regulier parkeervak
Belanghebbende kreeg twee naheffingsaanslagen parkeerbelasting opgelegd omdat zijn auto op 24 en 28 september 2021 onbetaald geparkeerd stond op het [straat] te [plaats 2]. Hij voerde aan dat hij dacht op een gehandicaptenparkeerplaats te staan, maar door tijdelijke aanpassingen was dit niet duidelijk. De heffingsambtenaar stelde dat belanghebbende in een regulier parkeervak stond en daarom parkeerbelasting verschuldigd was.
De rechtbank oordeelde dat de parkeerplaatsen duidelijk waren gemarkeerd en dat belanghebbende zelf bevestigde in een regulier vak te hebben geparkeerd. Volgens de Verordening parkeerbelastingen Breda 2021 is parkeren op dergelijke plaatsen tegen betaling, en het niet voldoen van de parkeerbelasting was vastgesteld door controle met scanauto.
Hoewel de rechtbank begrip had voor de vergissing van belanghebbende, leidt dit niet tot vernietiging van de naheffingsaanslagen. De beroepen worden daarom ongegrond verklaard, en belanghebbende krijgt geen griffierecht of proceskostenvergoeding terug.
Uitkomst: De rechtbank verklaart de beroepen ongegrond en bevestigt de naheffingsaanslagen parkeerbelasting.