ECLI:NL:RBZWB:2022:7124
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging naheffingsaanslag parkeerbelasting wegens onduidelijke bebording
Belanghebbende parkeerde op 15 mei 2021 een auto zonder parkeerbelasting te voldoen op een locatie in Breda. De heffingsambtenaar legde daarop een naheffingsaanslag parkeerbelasting op. Belanghebbende stelde dat hij niet op de hoogte was van betaald parkeren sinds 1 december 2020 en dat de bebording onvoldoende duidelijk was.
De rechtbank oordeelde dat de heffingsambtenaar onvoldoende bewijs had geleverd dat het parkeerregime ter plaatse zodanig duidelijk was aangegeven dat er geen misverstand kon bestaan. De overgelegde bebording was onduidelijk en deels onleesbaar, en er ontbraken foto’s die de duidelijkheid hadden kunnen aantonen.
De rechtbank vernietigde daarom de naheffingsaanslag en de uitspraak op bezwaar. Daarnaast werd de heffingsambtenaar veroordeeld tot vergoeding van het griffierecht en de proceskosten van belanghebbende. Deze uitspraak benadrukt het belang van duidelijke en voldoende zichtbare parkeerborden en -aanduidingen.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt de naheffingsaanslag parkeerbelasting wegens onvoldoende duidelijke bebording en veroordeelt de heffingsambtenaar tot vergoeding van griffierecht en proceskosten.